donderdag 18 oktober 2012

Hoe ik dacht dezelfde genen te bezitten als Oude Oma (en wat er gebeurde toen dat niet zo bleek te zijn)

Hallo allemaal!

Jullie zijn vast nieuwsgierig geworden door mijn originele titel (dat was in elk geval de bedoeling).
Nou, ga er maar goed voor zitten, want ik heb weer een lekker smeuïg verhaal uit het verre Duitsland...

Het begon allemaal maandag middag toen ik naar de HNO arzt moest (Halse-Nase-Ohr Arzt, ook wel KNO arts in het Nederlands), voor mijn oren.
De dokter zat in Wuppertal en aangezien dat een dorp de andere kant uit is ten opzichte van Gummersbach (en ik daar dus ook nooit geweest was), bracht Birgitta mij daarheen. Daar aangekomen bleek de hele handel al een uur uit te lopen. Ik vond het wel erg netjes dat ze dat van te voren aangaven, zodat je tenminste wist waar je aan toe was. Ik ben dan ook nog even het dorpje in gelopen (in Lelystad zit je altijd maar boekjes te lezen en naar de klok te staren en je af te vragen waarom je ook alweer ALTIJD 5 minuten van te voren aanwezig bent, als het ook ALTIJD minstens 20 minuten uitloopt).
Terug moest ik met de bus (nou ja, dat had ik tegen Birgitta gezegd), dus ik keek meteen wanneer die zou gaan: half 7.
Bij de dokter aangekomen was ik om 10 over 6 nog steeds niet aan de beurt, dus toen belde ik Birgitta maar even om te vragen of als het langer dan half 7 zou duren ze mij alsnog op wilde halen. Anders moest ik een uur op de bus wachten (de volgende ging pas half 8).
 Op dat moment was ik net aan de beurt en de dokter hoorde mijn verhaal. Hij heeft dus in rap tempo mijn oren bekeken (ik zal de verdere details besparen) en verteldt dat ik neusspray nodig had.
5 voor half was ik klaar en rende ik naar het busstation. Gelukkig was ik op tijd! (nouja, 'gelukkig'.....)
Ik had mij net lekker geïnstalleerd met mijn Ipod, toen we voor een halte stopten en er 2 mannen in blauw pak binnen kwamen. Aangezien ik nooit wat hoor als ik muziek in heb, hoorde ik niet wat ze zeiden, maar daarna gingen ze alle kaartjes bekijken.
Nou zal ik eerst maar even uitleggen op welke manier ik gebruik maakte van mijn buskaartje: ik kocht een kaartje van 4 ritten. Daar kan je dus eigenlijk maar VIER keer mee met de bus (duh). Je moet de vier zijden bestempelen en hem dan weggooien. Ik ben echter een gierige Hollander, dus ik had heel slim bedacht dat je één zijde ook wel 3 keer kan bestempelen. Of 5 keer. Of 8 keer.
Hoe dan ook: toen de controleur (even tussendoor: zijn jullie ooit gecontroleerd in de BUS?! Ik echt nog nooit!) bij mij aankwam liet ik hem met een big smile mijn kaartje zien. Daar was hij niet zo van onder de indruk. Ik deed eerst nog alsof ik een domme toerist was, geen Duits kon en niet snapte hoe het kaartje werkte. Dat werkte niet, aangezien ik na 3 zinnen in het Duits begon te antwoorden en hij heus wel door had dat ik gewoon een dikke bon had verdiend.
Nou denk je misschien: Hoppa, Anouk krijgt een bon en ze mag weer verder met de bus. NEE beste mensen, ik was namelijk een speciaal geval: 'EEN BUITENLANDER'.
Hij vroeg mij waar ik woonde en ik zei: 'Nou in de Mülenhelle, dat hotel in Dieringhausen' (iedereen kent het hier). Toen waren de rapen gaar.
Samen met een Poolse vrouw die geen paspoort oid mee had moest ik mee de bus uit. Haar man stond haar op te wachten en die had wel een ID mee, dus zij kon zo weg.
Daarna was ik weer aan de beurt. Hij begon zo: 'Kijk we hebben twee problemen: Jij woont niet in Duitsland én we moeten je een bon uitschrijven. Dat gaat moeilijk worden'.
Ik zei: 'Nee meneer, ik woon in Duitsland, ik heb u het adres gegeven'.
Hij zei: 'Ja, je geeft dat adres van dat hotel, maar daar WOON je niet, daar VERBLIJF je'.
Ik zei: 'Jawel meneer, daar WOON ik wel. Ik WOON bij de eigenaren van dat hotel en dat is toevallig op hetzelfde terrein (like I said before, maar dat zei ik niet hardop)'
(STILTE)
Hij zei: 'Oh, dus je bent daar op bezoek! Dan kunnen wij op dat adres óók geen bon uitschrijven.'
Ik zei: 'NEE IK WOON BIJ DIE MENSEN IK STA INGESCHREVEN BIJ DE DUITSE OVERHEID (of waar dan ook) OP DAT ADRES, HOHLERSTRASSE 1A' (die grote letters dacht ik, ik bleef heel keurig in het echt).
Hij zei: 'Nou, dat gaan wij dan wel eens even controleren'.
Ging hij ergens heen bellen om te vragen of Anouk Bosma uit Lelystad aan de Hohlerstrasse 1A woonde (eerst dacht hij nog dat ik Anouk Almere heette, maar ik heb hem maar even uitgelegd dat dat mijn geboorteplaats is. Anders werd het helemáál zo verwarrend).
Nou en raad eens?! Ik woon daar!

Daarna werd het allemaal een stuk makkelijker. Hij schreef mijn bon uit (40 euro, maar omgerekend nog ong. 15) en ik besloot ook maar even aardig te doen, aangezien het gewoon mijn eigen schuld was. Daarna moest ik nog op de volgende bus wachten en meneer en zijn collega bleven maar even bij mij, want het was donker en verlaten.
Ze vroegen hoe ik het in Duitsland vond en wat de grote verschillen zijn. En hij vroeg hoe oud ik dacht dat hij was (ik zei 30, maar hij was 34. Ja hé, het bleven een soort politieagenten).
Ondertussen had ik het wel erg koud gekregen, want ik dacht toch alleen maar in de bus te hoeven zitten, dus ik had alleen een dun jack en een vestje aan (en het was 6 graden toen ik terug kwam).
Op het einde wilde ik ook nog even een foto van die ene maken, per slot van rekening ben ik een toerist én was hij de man die mijn eerste (en laatste) boete gaf.
Dus bij deze:


En nou willen jullie denk ik nog wel even weten wat mijn oude oma hier nou mee te maken had:
Ik had een overgroot oma (de moeder van de moeder van mijn vader). Zij was 'doof', maar als je het over een bepaald interessant onderwerp had (bijvoorbeeld toen mijn ouders het over trouwen hadden) dan kon ze je opeens wel verstaan (en nu weet je ook waarom mijn hele familie zo hard praat).
Verder at ze rosbief die groen was (bij wijze van spreke) en was ze een kei in grijsrijden.
En dat ging als volgt: Vroegah moest je in Amsterdam als je met de tram ging altijd één strip meer afstempelen dan dat je reisde, een soort 'instaprit'. Oude oma vond dit onzin en deed dit nooit. Als er dan een controleur in de tram kwam dan hing ze het 'oude, onwetende omaatje' uit en kwam ze er dus mooie mee weg ('ojaa, lieve meneer, ik weet dat ook allemaal niet meer hoor, ik ben al zo oud!' 'Geeft niet hoor mevrouw, dan weet u het voor de volgende keer'.).
Het was niet echt zwartrijden, omdat ze dus wel wát afstempelde. Net als ik gedaan had: ik had wel wát afgestempeld!
Echter: ik kwam er niet mee weg en zij wel! Een generatie voor mij heeft denk ik die genen al gekregen en ze hebben mij overgeslagen. Dat was in dit geval wel even jammer!


Groetjes uit Duitsland!
Anouk

PS: Morgen maken jullie kennis met Hans, mijn nieuwe boyfriend.....

1 opmerking: